Omdat ik niet genoeg heb aan oneliners: Oerol-verslag
Een luxe Oerol hebben we dit jaar: omdat ik een achterafartikel schrijf voor Theater! hoef ik niet over alle voorstellingen die ik zie een stukje te prutsen. Dat betekent dat we echt de rust kunnen pakken om van locatie naar locatie te gaan, om rustig na te praten, om een hapje te eten op z’n tijd. Dat is heerlijk, goed voor de verdieping ook. Maar diep in mij wringt het. Al die lieve jongens en meisjes die mooie voorstellingen maken, verdienen het dat ik aandacht aan ze besteedt. Niet in een zinnetje tussen neus en lippen, niet een oneliner van max 140 tekens op Twitter (wat ik ook doe: @cursiefjes), maar gewoon, een mooi respectvol stukje, zoals ik ze gewend ben te maken.
Eline Kuppens en Benjamin Op de Beeck – Bonnie en Clyde
Tarantinoiaans kinderspel
We kennen Bonnie en Clyde als onverschrokken misdadigers die, kort maar heftig, een spoor van geweld door het Amerika van de jaren dertig trokken, eigenlijk vooral omdat ze elkaar wilden imponeren. Hadden zij toen al bestaan, dan hadden ze karakters kunnen zijn uit een film van regisseurs als Quentin Tarantino (Pulp Fiction, Reservoir Dogs) of Oliver Stone (Natural Born Killers – Bonnie en Clyde anno jaren negentig), die er ook wel van houden zinloos geweld neer te zetten als een vermakelijke hobby.
Atelier Oerol-makers Eline Kuppens en Benjamin Op de Beeck maken het nog een graadje kolderieker dan de Amerikaanse regisseurs. Ze spelen Bonnie en Clyde als was het vadertje en moedertje; puberaal kinderspel dus, maar wel steeds met een luguber crimineel ondertoontje. Hoewel, luguber? Of is het toch echt vooral speels met de suggestie van crimineel? Die lucifer waarmee Bonnie haar auto in de fik wil zetten, waait niet toevallig uit (al staat er een straf windje). De vangst van zijn eerste roof voor haar is niet per ongeluk een rolletje pepermunt. De attributen die ze gebruiken bij hun huwelijk zijn niet voor niets eenvoudige plastic zakjes en bloemetjes van een stukje gras op de parkeerplaats. ‘Papa’ is niet zomaar een enorme stellage van fietsonderdelen en het bloed dat vloeit als ze uiteindelijk het loodje leggen vast met opzet kleurstof die ook uitwaaiert over het publiek. Die gekke twists en zeker ook het geweldige getimede, goed op elkaar ingespeelde spel van de makers maken deze versie van Bonnie en Clyde bijzonder grappig en geslaagd.
De Nieuw Amsterdam – Oedipus in Egypte
Interessante les Griekse mythologie
Zeg Oedipus en iedereen denkt: da’s die gek die z’n vader heeft vermoord en met z’n moeder heeft geslapen. Maar als je het echte verhaal hebt leren kennen, zoals De Nieuw Amsterdam dat op Oerol laat zien, dan weet je dat deze samenvatting op z’n best de intro is van een artikel in een roddelblad dat het niet zo nauw neemt met de werkelijkheid. Want technisch gesproken is die eerste zin precies wat er gebeurde, maar Oedipus wist in beide gevallen niet dat het om zijn ouders ging en dus is het hem niet bepaald aan te wrijven.
Regisseur Sabri Saad El Hamus kiest ervoor het verhaal te vertellen vanaf het moment dat Oedipus koning is van Thebe, zijn land van de ondergang probeert te redden en de ontknoping van deze thriller met dader-die-zelf-ook-nog-van-niets-weet voor de deur staat. Langzaam maar zeker wordt Oedipus, en daarmee het publiek, duidelijk hoe de kwestie in elkaar steekt; de voorspelling dat hij z’n vader zal doden, hoe hij als kind vermoord had moeten worden maar wordt opgenomen door een herder, hoe hij via via terechtkomt waar hij nu is en hoe hij onderweg min of meer uit zelfverdediging iemand heeft vermoord die later zijn vader blijkt te zijn en daarna zonder een flauw idee getrouwd is en kinderen gemaakt heeft met de vrouw die hem baarde.
El Hamus gebruikt een live gespeelde mix van westerse en Arabische muziek ter ondersteuning van de gebeurtenissen en werkt met water en vuur om het drama kracht bij te zetten – maar gek genoeg eigenlijk alleen op het eind. De Elvisplak, de weilanden, de duinen erachter en zelfs de tribune gebruikt hij als speelvlak en ‘aan- en afvoerroute’ voor de verschillende personages en het koor(tje). Dat is mooi, maar op een gegeven moment krijg je wel genoeg van de beweging in de diepte. Vooral van die getormenteerde Koning Oedipus, die onhandig lopend op zijn gezwollen voeten van achter naar voor over de wei beent in een poging het volgende probleem op te komen lossen; en weer terug van voor naar achter als anderen aan het woord zijn. Gelukkig maakt het boeiende, heldere, overtuigende spel van titelrolspeler Steve Hooi veel goed; op sommige andere acteurs zit je iets minder te wachten (de herder die de oplossing van deze whodunnit komt brengen, dreunt z’n tekst rechttoe rechtaan op), maar wellicht spelen ook de kou en wind op de open vlakte daar een rol in.
Een heldere verwoording van een complex drama, dat is deze Oedipus in Egypte zeker. Maar qua enscenering en dramaturgie moest er misschien na deze première nog wat gesleuteld worden, want groots opgezet locatietheater moet natuurlijk meer zijn dan een interessante les Griekse mythologie.
Karina Kroft – Hiroshima mon Amour
Klein maar meeslepend
Karina Kroft is een echte Oerol-naam. Ze raakte het publiek al geregeld met gevoelige, voornamelijk dramatische voorstellingen. De laatste die wij – twee jaar geleden op het Geitenpark – van haar zagen, was de Shakespeare-komedie Midsummer Night’s dream. Niet echt een geslaagd project in onze ogen, al haalde ze iedere avond open doekjes; blijkbaar vonden veel mensen het een feestje, en ja, het was best lollig, en ze maakte mooi gebruik van de locatie, zeker, maar het had de diepgang van een vaatdoek en was warrig geregisseerd. Nee, dan haar Ifigineia van enkele jaren eerder, een moderne interpretatie van een Grieks stuk, waarin ze een duinkom vol mensen liet meeleven met haar protagonist, die door haar vader wordt geofferd voor een zuchtje wind. Zo platgetreden, zo vaak bewerkt en toch origineel, groots en meeslepend gedaan.
Dit keer koos ze voor klein – maar niet minder meeslepend. Nou ja, een grote vloer, namelijk in de manege van Hoorn, maar met bijna niets erop dan wat emmers. En met een cast van een, maar wat voor een: de prachtactrice Johanna ter Steege, die niet bepaald dagelijks op de theatervloer te zien is omdat ze vooral bekend is van (internationale) films. Niet meer de jongste, maar nog altijd prettig jeugdig van uitstraling en dat komt haar goed van pas bij Krofts interpretatie van Hiroshima mon Amour, waar een getrouwde vrouw een minnaar vertelt over de liefde die ze aan het einde van de oorlog verloor – en goddomme al begon te vergeten toen hij nog niet koud was.
De monoloog van een uur, met stukjes gespeelde dialoog, bouwt langzaam op. Van een afstandje in het begin, zowel in vertelstijl als in intonatie, maar steeds een beetje dichter op de huid, steeds een beetje dieper in de ziel. En met een uitbarsting op het bijna-eind die weinig mensen op de tribune koud laat. Vooral veel vrouwen verlaten de manege met tranen in de ogen, maar ook mannen die weten wat het is om een grote liefde te hebben en misschien zelfs te verliezen, voelen de pijn van deze schitterende vrouw die er niet aan kan doen dat ze stukje bij beetje vergeet hoe hij voelde.
Danielle Wagenaar|Het Syndicaat – Wilde wilde wereld
In dit bengeltje schuilt een engeltje
Thomas is een ettertje, een veel te dik ettertje bovendien. De juf kan niks met hem, koopt hem af met chips om hem te sussen. Op een dag moet hij voor straf tegen de muur gaan zitten en als hij net de hele school heeft proberen om te schoppen, komt er een gek wezen voorbij. Thomas grijpt z’n kans en gaat op avontuur, het publiek achter zich aan slepend en enthousiast vertellend over z'n bevindingen. Hij blijkt helemaal niet zo'n ettertje, maar gewoon een eenzame jongen die snakt naar vriendjes om zijn fantasieën mee te delen. In dit bengeltje schuilt een engeltje.
Maatje-34 Eva Zwart is met dikmaakpak, pruik en pet geloofwaardig getransformeerd tot een schooljongetje; een beetje cliché gekleed, maar het werkt goed. Haar nieuwe vriendjes leven zich totaal uit in hun absurdistische rollen als natuurwezens die nog nooit een mens hebben ontmoet; ze dollen dat het een aard heeft – o o, wat houden wij toch van Manon Nieuweboer, vooral omdat zij zichtbaar veel houdt van wat ze doet en zelden minder geeft dan hart en ziel. Uiteindelijk ontaardt het misschien in wat al te veel en al te langdurige chaos, maar we zagen een vroege uitvoering en vertrouwen erop dat het afsluitende deel nog verscherpt wordt tijdens het spelen.
Fijne voorstelling van regisseuse Danielle Wagenaar, waar naast het Oerol-publiek dat jong van geest is ook alle basisschoolkinderen van Terschelling mogen genieten deze week.
Toneelgroep Oostpool i.s.m. Boogaerdt en Van der Schoot – Tweede natuur
Bespiegelend vergrootglas
Boogaerdt en Van der Schoot zijn bekende namen op Oerol. Ze maakten een paar geleden veel indruk met Tsjechov bij de bushalte, een mimebewerking van De Drie Zusters, waarin hun komisch talent optimaal uit de verf kwam. Opvolger Dans je de hele nacht met mij was aardig, maar bleef ietsje te veel steken in platheid. Toneelgroep Oostpool stond vorig jaar in de ET10 met hoogdravend theatermakerstheater, dat vooral waardering wegdroeg onder, tja, theatermakers en niet zo onder het gewone publiek. Niet echt een festivaltheatergroep, dat Oostpool, tamelijk abstract en intellectueel.
Maar… we waren wel heel benieuwd naar de samenwerking, want met een beetje mazzel zouden een en een drie zijn omdat ze hun sterkste punten konden samenvoegen tot iets beters dan ze op zichzelf zouden kunnen maken. En verdomd, dat is ze prachtig gelukt. Met Bianca van der Schoot naast Erik Whien op de regisseursstoel en een van de beste ‘lijfactrices’ van ons land, Suzan Boogaerdt, naast de topacteurs van Oostpool op de vloer zetten ze het bespiegelende vergrootglas op het hulpeloze onvermogen van de mens.
Tweede natuur staat om te beginnen werkelijk schitterend, aan de westzijde van het Duinmeertje, waarbij honderden meters bos- en duinvloer, bomen en ook het water erg mooi worden gebruikt. Het geluidsdecor, dat voornamelijk bestaat uit stilte en verder uit voornamelijk instrumentalen uit het brede spectrum van de muziek, is mede-sfeerbepalend en soms ronduit grappig.
Qua spel zien we vooral mensen die al dan niet met elkaar interacteren, zelden makkelijk of comfortabel, meest zoekend en onhandig. De afzonderlijke scènes kunnen worden bekeken als afzonderlijke scènes, maar wie wil, kan er een verhaallijn in ontdekken die ruime mogelijkheden voor interpretatie openlaat. De mijne: de mens wordt op de wereld geschopt door een natuurwezen, moet zichzelf zien te redden en tot de ander zien te verhouden, probeert dat uit alle macht maar wordt er maar moeilijk goed in. Door zijn geklungel en onvermogen ontstaat mislukking die leidt tot chaos. Die chaos wordt een tijdlang gecontroleerd door de nieuwe hogere macht, de kerk. Maar ook dat bevredigt slechts een tijdje en dus zoekt de mens redding door van zijn wereld een pretpark te maken waarin blablagoeroes hooguit tijdelijk slagen in zingeving. De mens en zijn wereld gaan uiteindelijk aan hun eigen pret ten onder.
Tjon Rockon – Free Mason
Over de dode niets dan slechts
Over de doden niets dan goeds, is het credo. Dat leidt bij begrafenissen en crematies soms tot tragikomische situaties, doordat een overledene wordt neergezet als een heilig boontje dat niets dan goeds heeft gedaan in zijn leven – terwijl vele aanwezigen wel beter weten.
Met dat ritueel maakt Tjon Rockon korte metten. Hij nodigt ons uit voor iets wat lijkt op een traditionele Surinaamse begrafenis, met klaagliederen en heftige emoties, in de ruimte onder Heartbreak Hotel. Maar als we eenmaal verzameld zijn om de kist, blijkt het geenszins een doorsnee afscheid te zijn. Sterker, het schopt alle heilige huisjes rondom omver en doorbreekt een stevige reeks maatschappelijke taboes.
De kinderen Mason hebben verdriet om hun pa, zeker. Maar dat verdriet heeft veel meer te maken met zijn leven dan met zijn dood, zo blijkt als ze een voor een hun hart uitstorten. Ze maken ons stukje bij beetje duidelijk wat hun vader voor ze heeft betekend – en dat is niet veel soeps. Pa was, zo begrijpen wij al snel, geen lieverdje; zelfs al zijn de heftige grafredes soms wat cryptisch. Hij zoop als een maleier, kon z'n handen niet thuishouden en had alleen een open mind ten opzichte van zijn kinderen als het hem goed uitkwam. Het moet toch pijnlijk zijn voor de geest van de vader, die nog even een kijkje komt nemen, dat zijn kinderen op deze dag de man bewenen die hij had moeten zijn maar nooit echt is geweest.
Alle foto's: copyright Theaterinbeeld.nl, Moon Saris en René den Engelsman. Gebruik zonder toestemming expliciet verboden.
